Gewoon doen
Ik lees ontzettend veel. Maar ik schrijf heel weinig. Laat ik het anders zeggen: ik lees heel veel gepubliceerde teksten, maar ik schrijf ze amper. Wel heb ik een aantal concepten geschreven, maar deze vind ik nooit goed genoeg om te publiceren, vervolgens heb ik geen tijd om ze te verbeteren en blijven deze stukken dus slechts een concept.
Hier ga ik bij deze verandering in brengen. Geen eindeloos uitstel meer, gewoon publiceren die hap. Dan begint het wellicht vrij waardeloos, zoals dit artikel, maar anders komt er nooit iets van.
Wat kan ik dan wel? Ik schrijf vrij veel code. Voor Dexwork, de software die ik ontwikkel waarmee men aangifte kan doen bij de Douane voor invoer, uitvoer en andere processen die onder de Douane wet vallen.
Het schrijven van code is heel anders dan het schrijven van stukken voor mensen, maar tegelijkertijd heeft het veel overeenkomsten. Ook code schrijf je namelijk voor mensen, vrijwel alle programmeertalen zijn abstracties bovenop de instructies die de computer uiteindelijk uitvoert.
Net als met het schrijven van een boek zul je met het schrijven van een groot stuk software goed rekening moeten houden met de structuur van het geheel. Een boek moet goed in elkaar zitten om het te willen blijven lezen. Een groot softwareprogramma moet eveneens goed gestructureerd zijn om er makkelijk doorheen te kunnen lezen.
De vergelijking met geschreven werk houdt echter snel op: software is veel dynamischer en er zijn ontzettend veel zaken die door elkaar lopen en invloed op elkaar hebben. Wat dat betreft is een groeiende stad van Lego een betere metafoor voor software: je hebt verschillende afdelingen, je moet soms dingen verplaatsen of afbreken om plek te maken voor iets nieuws.
Goed, wat probeerde ik ook al weer duidelijk te maken? Dat ik meer wil schrijven voor mensen. En de enige manier om daar beter in te worden is door het gewoon te doen.